Hoogtepunten

De Snip heeft buiten de normale werkzaamheden voor een vliegtuig ook diverse "hoogtepunten" meegemaakt. Drie van die hoogtepunten worden op deze pagine belicht.

Op 16 februari 1942 werd de Snip ingezet als bommenwerper tegen Duitse onderzeeboten, die het op de olieraffinaderijen op Aruba en Curacao hadden voorzien. Normaliter zou hiervoor het zustertoestel van de Snip, de Oriol worden ingezet, maar die was op dat moment in reparatie. De Oriol was met een bommenluik, een bommenrichter en een geschutskoepel ook beter uitgerust voor een dergelijke missie. Er werd een rij stoelen uit de Snip verwijderd en ook de cabinedeur ging eruit. Vervolgens werden er drie dieptebommen rechtop op de cabinevloer gezet, met de ontsteking naar boven. Een vierde dieptebom werd op z'n kant gelegd, zodat die er snel uitgeworpen kon worden. Die vierde bom werd met een houten balk tegen gehouden, zodat hij er niet ongemerkt uit kon rollen. Om vijf voor zes in de morgen gaat de Snip aan zijn oorlogstaak beginnen. De Duitse onderzeeboot, die eerder die nacht de tanker Rafaela had getorpedeerd, werd niet gevonden. Om 06.40 uur werd via de radio door een Amerikaanse A-20 doorgegeven, dat zij een onderzeeboot hadden gezien. De Snip kreeg opdracht om dit doel op te sporen en te bombarderen. Na een korte vlucht kwam uit de cockpit het bericht dat het doel in zicht was en degene die de dieptebom uit het toestel moest trappen, zette zich schrap. Pas op het laatste moment zag men, dat het geen onderzeeboot betrof, maar een gemilitariseerde walvisjager, nu onderzeebootjager Hr.Ms. Toern. De dieptebom werd weer op veilig gezet. De Snip heeft diezelfde dag nog twee vluchten uitgevoerd, doch zonder echte aanvallen uit te voeren. De volgende dag, 17 februari 1942, werd de Snip ingezet als escortevliegtuig voor de kanonneerboot Hr.Ms. Van Kinsbergen. Daarna is de Snip niet meer voor oorlogsdoeleinden ingezet. Op 23 februari 1942 was de Oriol weer vliegklaar. Dit verhaal komt uit de memoires van Marinier Jan Kooijman, die tijdens deze inzet zijn luchtdoop kreeg. Op de foto de Snip en de Oriol (nog niet omgebouwd) naast elkaar op het vliegveld Hato.

 

 

 

 

 

Het tweede hoogtepunt is te zien op de volgende twee foto's. Eigenlijk mag je zoiets geen hoogtepunt noemen, maar het feit, dat daar foto's van zijn, maakt het toch een beetje bijzonder. Op 4 maart 1943 was de Snip betrokken bij een eenzijdig ongeval. Tijdens het taxiën raakte piloot W. Versteegh, door defecte remmen, van de baan en kwam met een wiel in een greppel of sloot terecht.

 

De hierbij opgelopen schade was behoorlijk, maar werd vakkundig gerepareerd, waardoor de Snip weer normaal zijn taak kon uitvoeren.

 

 

 

 

 

 

 

 

Het derde hoogtepunt was een echt hoogtepunt. Het 10-jarig bestaan van de KLM West-Indisch Bedrijf werd gevierd op 22 november 1944. De Snip, het eerste toestel van de KLM in de West, werd bij deze gelegenheid uitbundig versierd met bloemen en palmtakken. Een uitbundig feest werd het niet. De Antillen waren immers ook direct bij de Tweede Wereldoorlog betrokken geraakt.